Hoeveel moet ik verkopen? Break-evenpunt berekenen
Vul de vaste kosten van een periode in, de verkoopprijs per stuk en de variabele kosten per stuk. De calculator laat zien hoeveel stuks u moet verkopen en hoeveel omzet u moet halen voordat het bedrijf winst maakt.
Rekenhulp
Huur, lonen, abonnementen: kosten die niet met de verkoop meebewegen.
Inkoopprijs plus wat u per verkoop betaalt, zoals verpakking of pinkosten.
Uitkomst
- Break-even in stuks
- Break-evenomzet
- Wat elke verkoop overlaat
- Deel van elke verkoop dat overblijft
De berekening gebeurt in uw browser; ingevoerde getallen worden nergens naartoe gestuurd.
Break-even in stuks = vaste kosten ÷ (prijs − variabele kosten per stuk). Break-evenomzet = vaste kosten ÷ dekkingsbijdrage in procenten. Met 12.000 vaste kosten, een prijs van 50 en variabele kosten van 30 ligt het break-evenpunt op 600 stuks, ofwel 30.000 omzet.
Wat het break-evenpunt u vertelt
Elk verkocht stuk laat iets over nadat de eigen variabele kosten zijn betaald. Die dekkingsbijdrage moet eerst de huur, de lonen en de andere vaste kosten dekken. Het break-evenpunt is het moment waarop alle bijdragen samen precies de vaste kosten opleveren: geen verlies, geen winst. Elk stuk daarna levert de volledige bijdrage als winst op.
De calculator gebruikt drie eenvoudige formules:
- Dekkingsbijdrage per stuk = prijs − variabele kosten per stuk
- Break-even in stuks = vaste kosten ÷ dekkingsbijdrage per stuk, naar boven afgerond
- Break-evenomzet = vaste kosten ÷ (dekkingsbijdrage ÷ prijs)
Kosten indelen in vast en variabel
De uitkomst is zo goed als uw indeling van de kosten. Stel bij elke kostenpost één vraag: stijgt deze als ik één stuk meer verkoop? Dan is hij variabel. Betaalt u hem of u nu 10 of 1.000 stuks verkoopt, dan is hij vast voor die periode.
Gangbare voorbeelden voor een winkel of groothandel:
| Kosten | Soort | Waarom |
|---|---|---|
| Huur en energie | Vast | Elke maand te betalen, ongeacht de verkoop |
| Lonen | Vast | Meestal elke maand gelijk |
| Inkoopwaarde van goederen | Variabel | Elk verkocht stuk moet worden ingekocht |
| Verpakking en pinkosten | Variabel | Bij elke verkoop te betalen |
De uitkomst gebruiken om te beslissen
Leg het break-evenpunt naast wat u echt verkoopt. Verkoopt u 700 stuks per maand en ligt het punt op 600, dan zijn die 100 stuks uw veiligheidsmarge. Verkoopt u er 550, dan weet u precies hoeveel er nog ontbreekt om de kosten te dekken.
Probeer daarna scenario's. Een prijs van 55 in plaats van 50 brengt de bijdrage naar 25 en verlaagt het break-evenpunt van 600 naar 480 stuks. Dezelfde goederen voor 28 in plaats van 30 inkopen helpt ook. Kleine aanpassingen in prijs of inkoop verschuiven het punt vaak meer dan een grote verkoopinspanning.
Praktijkvoorbeeld
Voorbeeld: een kleine huishoudwinkel
Een winkel betaalt 12.000 per maand aan huur, lonen en vaste lasten. Het gemiddelde artikel kost 50 exclusief btw en wordt ingekocht voor 30, dus elke verkoop levert 20 op. Om de maand rond te krijgen zijn 12.000 ÷ 20 = 600 artikelen nodig, ofwel 30.000 omzet: zo'n 20 per dag bij 30 dagen. Bij 700 artikelen blijft er 2.000 winst over.
Stap-voor-stap Implementatie
1. Tel de vaste kosten van één periode op
Gebruik overal dezelfde periode, bijvoorbeeld een maand. Neem uw eigen inkomen mee als het bedrijf u moet betalen.
2. Vul prijs en variabele kosten per stuk in
Reken met bedragen exclusief btw. Verkoopt u veel producten, gebruik dan een gemiddelde prijs en inkoopprijs of uw totale marge.
3. Vergelijk met echte cijfers in GiroPS
GiroPS legt uitgaven per categorie vast in uw kas- en bankrekeningen, en het winst-en-verliesoverzicht toont voor elke periode de omzet, de kostprijs van de verkopen tegen gemiddelde kostprijs en de uitgaven. Daar vindt u de echte vaste kosten en marge voor deze calculator.
Veelgemaakte Fouten & Oplossingen
Veelgestelde vragen
Wat is het break-evenpunt?
Het verkoopniveau waarbij de dekkingsbijdragen precies de vaste kosten dekken, zodat het bedrijf geen winst en geen verlies maakt. U kunt het uitdrukken in stuks of in omzet.
Hoe bereken ik het met veel verschillende producten?
Gebruik uw gemiddelde brutomarge: break-evenomzet = vaste kosten ÷ gemiddelde marge. Met 9.000 vaste kosten en 30% gemiddelde marge heeft u 30.000 omzet nodig.
Waarom wordt het aantal stuks naar boven afgerond?
Een half stuk kunt u niet verkopen. Is de exacte uitkomst 333,3, dan zijn de kosten pas gedekt bij het 334e stuk.
En als de variabele kosten hoger zijn dan de prijs?
Dan maakt elke verkoop het verlies groter en is er geen break-evenpunt. De calculator geeft een melding; eerst moeten prijs of inkoop veranderen.